Alle etappes van 2011
Heenreis | Etappe 1 | Etappe 2 | Etappe 3 | Etappe 4 | Etappe 5 | Etappe 6 | Etappe 7 | Etappe 8 | Etappe 9 | Etappe 10 | Etappe 11 | Etappe 12 | Etappe 13 | Etappe 14 | Etappe 15 | Etappe 16 | Etappe 17 | Terugreis
06-09-2011
Lurbe St. Christau > Arrens (77 km)
We nuttigen een uitstekend ontbijt in het kuuroord. We gaan op weg. In Escot treffen we een grote groep Denen met snelle fietsjes en dito kleding. Het is de buslading die ervoor had gezorgd dat wij gisteren geen hotel konden vinden. Het is een georganiseerd collen fiets-dagje. Ze hebben uiteraard geen bagage achterop. We maken een praatje met een Engelsman, die een reisleider blijkt te zijn een ander groepje fiets-recreanten. Hij vertelt dat vandaag de Col de Marie Blanque, de Aubisque en de Tourmalet op het programma staan. Wij beperken ons vandaag tot de Marie Blanque en de Aubisque.

Op weg naar de Col de Marie Blanque. We laten de horde Denen voorgaan, zodat we onbelemmerd van het uitzicht kunnen genieten. Halverwege de klim komen we er een aantal tegen. Ze lijken me nogal kapot. Het is wel duidelijk dat we al behoorlijk ingefietst zijn, want we halen er zelfs een paar in (met 20 kilo bagage achterop). Ze zeggen niets tegen ons. Het zijn nogal koele kikkers, echte Noormannen maar dan moderne, met kale koppen en flitsende brillen op. Boven op de col staan ze met zijn allen lekker een dagje uit te wezen en ons totaal te negeren. We maken een praatje met een aardige Fransoos, die nog een foto neemt van ons. We lopen op de col ook nog een Nederlander tegen het lijf. Een Amsterdamse geinponem. Hij zegt ‘Me vrouw zit in een camper te wachten tot ik terugkom, dat fietsen is niks voor haar’. Volgens hem is de beklimming naar de Aubisque saai tussen de bomen. Is helemaal niet waar, want de beklimming naar de col blijkt later prachtig met vele vergezichten.
Na de afdaling van de Col de Marie Blanque komen we aan op een zonovergoten plateau (Benou). Het is werkelijk een prachtig uitzicht hier en er lopen erg veel wandelaars rond. We dalen af naar Laruns, waar we even gaan lunchen. Er hangen mooie reliefkaarten van de streek in de herberg. Tijdens de klim naar de Col d’Aubisque filmen we een aantal interessante shots (dat hoop je dan maar, want je kunt niks viewen op de helmcamera. Thuis weten we of het gelukt is). Op de col is een cafe/restaurant en een paar souvenirwinkeltjes, waar ik een paar dingetjes koop, waaronder een Aubisque-aansteker, een Aubisque kurkentrekker (die ik nog steeds in een platic zakje heb liggen om als souvenir weg te geven) en een Aubisque-pen. We dalen af en komen nog een colletje tegen (Soulor) en een aantal koeien die midden op de weg blijven staan. Het lijkt India wel.

Aangekomen in Arrens gaan we op zoek naar een camping. De eerste is verlaten. De volgende camping die we tegenkomen is prima. Strakke vent achter de kassa. We halen een pizzaatje in het dorp bij een rotisserie. Er komt nog een vrouw naar de pizzabakker toe die vertelt dat ze haar tas kwijt is. Wij vinden een rugzakje. Dat moet ‘m zijn denken we. Hel lijkt wel een kinder-rugzakje. Ik neem het ding mee naar de camping en besluit de volgende ochtend de tas af te geven bij de rotisserie. Voor het slapengaan maken we nog even een ommetje. We gaan zitten in een soort bushokje en hebben het even over de reis. We besluiten om morgen af te dalen naar Lourdes en daar de trein terug te pakken naar Amsterdam. Het zit er alweer op voor dit jaar. Best jammer, want ik wilde eigenlijk nog de Col du Tourmalet beklommen hebben. Wat dat betreft een beetje het ‘gestrand met de haven in zicht-gevoel’…




