100 Cols Dagboek De Tocht De Cols Over Ons Zoek

Etappe 2


22-08-2011

Senones > Bains-les-Bains (101 km)

De camping in Senones is erg stil. Achterin op de camping staan een aantal yurts, van die Mogoolse tenten. Deze blijken leeg te staan en worden – zo vertelt de campingbaas ons – gebruikt voor allerlei culturele evenementen. De beheerder van de camping is een guitig mannetje. Hij biedt ons een kopje koffie aan en hij vertelt dat hij een soort klusjesman is op een school. In Senones is markt. Dat komt mooi uit, want dan kunnen we een handdoek voor Willem kopen. We vinden geen handdoek. Wel kopen we wat voedsel. Worst, kaas, brood en 2 lekkere appeltjes. We kopen ook een ‘pot’ bij een Afrikaan, een klein zwart portemonneetje (‘Heb jij de pot?’ wordt een veel gebezigde zin vanaf dat moment). Bij de bakker word ik in mijn been gestoken door een wesp. Ik houd hier nog anderhalve week een vervelende jeukplek aan over. We vertrekken en aan de rand van het dorp duiken we een supermarkt in op zoek naar een handdoek. Willem koopt een microvezel-dweil.

IMG_9444

Bovenaan op de Col de Mon Repos even uitrusten. Willem schalt een harde boer door het bos. Het echoot mooi. Hij roept ook nog een keihard staccato ‘HÉ’. Klinkt ook erg mooi in het bos.

We krijgen de eerste echt steile passage, de Côte de Fremifontaine. Ik moet halverwege echt even stoppen. Willem fietst verbaasd voorbij. Voordat we weggingen was ik ziek, een griepje ofzo. Ik ben nog niet helemaal de oude. Daarbij komt nog dat ik eigenlijk helemaal niet heb getraind, in tegenstelling tot Willem. We lunchen in Vimenil voor de mairie. Er is daar ook een lekkere pomp met ijskoud water, waar wij ons hoofd een paar keer in onderdompelen. Er komt een auto stoppen en de vrouw achter het stuur vraagt ons de weg in verband met een route-barree. Ik snap er geen snars van. We gaan weer op weg en worden inderdaad geconfronteerd met een afgesloten weg. Gelukkig kunnen wij er wel langs met de fiets. We stoppen even bij een oude roestige locomotief. Willem wil eigenlijk verder fietsen. Ik pluk een paar heerlijke pruimen. We spreken af in Bains-les-Bains, want ik moet echt even mijn eigen tempo fietsen. Willem wacht in La Chapelle-aux-Bois bij een klaterend bronnetje. Hier gaan we aan het eind van het dorp een klein weggetje in via Hardemont richting Bains-les-Bains. Heel mooi tochtje, desondanks toch kapot.

We komen op de camping aan. Ik ben helemaal leeg. De camping wordt bevolkt door vriendelijke senioren. Willem doet een wasje en prevelt ‘red me’ omdat hij belaagd wordt door allemaal dametjes die druk babbelend om hem heen zwermen. Ik haal mijn schouders op en ga douchen. Vlammende pijn. Ik kom erachter dat ik een vette open blaar op mijn bil heb. We gaan eten in het dorp bij de plaatselijke kebab tent, nadat we een drankje hebben genomen op een terras van een restaurant waarvan de keuken al gesloten was. Terug naar de kebab tent. Groot bord met veel friet. Ik laat vrijwel alles staan. Voel me nog steeds niet top. Er volgt een stroomstoring. Alle lichten in het dorp gaan uit, behalve die van het huizenblok waar de kebab tent zit.


Comments are closed.