Alle etappes van 2013
Heenreis | Mont Ventoux | Etappe 31 | Etappe 32 | Etappe 33 | Etappe 34 | Etappe 35 | Etappe 36 | Etappe 37 | Etappe 38 | Etappe 39 | Etappe 40 | Terugreis
31-08-13
St Etienne de Tineé > Jausiers (52 km)

Het heeft vannacht geregend. Onze tenten zijn zeiknat. Toch inpakken. We ontbijten met yoghurtjes van gisteren, het brood, de zachte geitenkaas en melk. We gaan St. Etienne in. We willen koffie op een terras met zon want het is koud. We gaan op het terras waar we gisteren hebben geluncht. Willem haalt croissants en pain au chocolat (eigenlijk te veel).
We gaan op weg nadat Willem zijn rek-oefeningen heeft gedaan naast de fontein. We zien de waterval niet die Willem zich van de vorige keer (Willem heeft de Bonette al eerder gedaan) kon herinneren. Wel veel andere watervalletjes langs de kant van de weg.
Zoals al eerder gezegd, gaan we vandaag de Col de la Bonette beklimmen via een alternatieve route. We fietsen een brug over en slaan linksaf richting St. Dalmas le Salvage. Eerst maken we nog een filmshot, waarin we acteren dat we op het kruispunt ons afvragen hoe we moeten rijden. Rechtsaf is de reguliere weg naar de top, linksaf de minder bekende alternatieve weg, die veel rustiger is. Het punt is namelijk dat via deze route het asfalt ophoudt op een tussencol, de Col de la Moutière. Vanaf daar is het onverhard een paar kilometer omhoog naar de Col de la Bonette.
Het is heerlijk rustig. Vanaf St. Dalmas gaat de weg verder met in het begin veel haarspeldbochten. Best steil, regelmatig 10 procent of meer. We zien veel geparkeerde auto’s staan, waarschijnlijk wandelaars. Het is een mooi weggetje door een bos. Aan de overkant prachtige rotspartijen. We zien nog een hoge waterval in de verte. Ik probeer diverse malen St. Dalmas te fotograferen, maar er zit steeds een irritant boompje in de weg.
Na een poos komen we aan op de Col de la Moutière, waar de verharde weg na een klein stukje dalen ophoudt. Er is daar een bunker uit de Tweede Wereldoorlog. Dit schijnt een belangrijk strategisch punt te zijn geweest in de oorlog. Er komt een groep motoren aan op de col, die niet wist dat het tot daar aan toe al 30 jaar geleden was geasfalteerd. Het uitzicht is adembenemend, een schitterende plek om te lunchen. Ik spreid mijn tent uit om deze te laten droogwaaien. Helaas gaat het alweer een beetje regenen.
We vervolgen onze weg en dalen af tot het punt waar het onverharde gedeelte begint. Vanaf hier is het lopen met de fiets aan de hand. We plegen verscheidene statiefmomentjes. We zien bergmarmotten, die naar elkaar fluiten, een soort alarmroep speculeer ik. Het uitzicht wordt steeds spectaculairder. Af en toe vriendelijk knikkende tegenliggers in terreinwagens.

We tappen water uit een van de vele bergstroompje. Afgrijselijk mooi uitzicht continu. We komen in de buurt van de reguliere verharde weg, waar we de laatste paar kilometer overheen moeten naar de top. Nog wat woest blaffende honden links van ons. We klimmen weer op de fiets en komen aan op de Col de la Bonette, wat nog niet het hoogste punt is. Vanaf hier is de weg lusvormig doorgetrokken om de Cime de la Bonette heen, waardoor het nog 2 kilometer extra klimmen is. We gaan linksom, de steile kant. Dat is even flink afzien. We maken foto’s bij een markeringssteen, een soort menhir, waar (vooral motorrijders) zich staan te verdringen voor een fotomoment. Een dametje wil ons wel fotograferen.
Je kunt nog naar de top lopen en genieten van het weidse uitzicht. We zetten de fietsen op slot en klimmen naar boven, waar we op een soort adelaarsnest-plateau met magistraal uitzicht over de Alpen een appeltje eten. We maken een raar filmpje. We gaan weer naar beneden. Als Willem een bananenschil weggooit van de berghelling af, blijft deze hangen achter een plantje, zeer in het oog springend en zichtbaar voor alle andere (eco)toeristen.
We vervolgen onze weg en dalen af naar Jausiers. We belanden in een kudde schapen. Ik moet in mijn eentje hardop lachen om het gemekker. Het wordt naarmate we dalen gelukkig weer wat warmer. In Jausiers aangekomen duiken we een camping op. De zon schijnt volop en het is goed warm. Ik zet snel mijn tent op en die is gelukkig in een mum van tijd weer droog. We gaan een restaurant in. Het is eigenlijk meer een veredelde snackbar. Saaie pasta met flut-sla, wel een lekker toetje. Het is duur en de bediening laat te wensen over. Een arrogante jongedame, die parmantig klik-klakkend met de schoentjes snel de gangen wisselt en net iets te snel de koffie samen met de rekening bij ons op tafel smijt.
Er is een zijspan-motorclub op de camping neergestreken met een eigen prive-partytent. Ze hebben het erg gezellig met zijn allen tot 23:00 uur, waarna het muisstil is. Er zijn nog een paar grappige jochies die een praatje met ons aanknopen als we onze tanden aan het poetsen zijn.




